Over de club

Wie richtte de club op?

De Facebookpagina, en daarmee ook de club, is in 2014 opgericht door twee Libero-eigenaren. De een knapte een witte KJ op en de ander een groen-grijze FA. Aangezien er nog geen Liberoclub was in Nederland, hebben zij een Facebookpagina aangemaakt om zo een plek te maken voor Libero-eigenaren en -fans.

De groen-grijze FA is op 1 januari 2014 zonder motor bij een Renaultdealer gekocht. Naast deze groen-grijze FA stonden er nog 3 Libero’s in wat mindere staat, hier zijn zoveel mogelijk onderdelen en een motorblok uitgehaald. Dit motorblok is vervolgens in de groen-grijze FA gemonteerd, op een gegeven moment liep dit blok op de snelweg vast. Een nieuwe motor vonden ze bij een liefhebber in Brabant. Deze nieuwe motor is er bij een garage ingezet en daarna kon het busje weer de weg op.

In 2015 is het groen-grijze busje verkocht, deze is in het westen van het land beland. De witte KJ is verkocht aan een volger van de Facebookpagina.

Twee jaar later ergens in Nederland...

De advertentie op Marktplaats

In de zomer van 2017 zag ik een advertentie op Marktplaats. Er stond een groen-grijze FA te koop. Ik heb meteen een e-mail gestuurd. Via de e-mail hebben we een datum afgesproken om de bus te bekijken.

Busje bekijken en de proefrit

De roest viel zo op het eerste gezicht nog mee. Nadat we een rondje om de bus hebben gelopen en wat met de verkoper hebben gepraat werd het tijd voor een proefritje. Aan het einde van het proefritje lichtte het oliedruplampje heel kort even op. Dit zou komen door het warme weer, aldus de verkoper. Ik dacht nog: ehm, oké, nou goed, misschien zit er te dunne olie in. We hebben hem gekocht.

Op naar huis

Een week later hebben we hem opgehaald. De eigenaar had alle onderdelen die hij had in de bus gestopt, alles achter de voorstoelen lag dus tot aan de onderkant van de ramen vol met spullen.

En toen begon de terugtocht, ik in de bus, de rest in de Subaru Forester. Het leek ons niet verstandig om over snelwegen terug te rijden. Stel dat de bus ermee op hield, dan sta je liever niet op de vluchtstrook langs de snelweg stil.

Nou goed, met een grote grijns op mijn gezicht reed ik in het busje door het platteland van Noord-Holland. Voor €2 een veerpont genomen. In De Rijp was het helemaal lachen, de weg is daar hartstikke smal. Voor mij moest de Forester steeds remmen voor tegenliggers, in het busje had ik nergens last van, die paste er zo tussendoor. Bij ‘Het wapen van Münster’ zijn we gestopt voor een bak koffie. Toen die koffie op was hebben we de boxermotor en de driecilinder weer gestart. Op naar Enkhuizen, om daar de Houtribdijk over te steken…

Oliedruklampje...

De Houtribdijk, ja, dat was het plan. Midden in Hoorn ging het olielampje constant branden. Dus ik knipperde een paar keer naar de Subaru die voor mij reed. Even later stonden we stil, ergens op een parkeerplaats op een dijk in Hoorn. Heb het oliepeil gecontroleerd, die was niet te laag, maar er kon nog wel wat bij, dat heb ik dus gedaan. Daarna de bus weer gestart, het olielampje was weer uit. Mooi, nou, op naar Enkhuizen! 

Voor Enkhuizen was het weer raak: het olielampje ging weer branden. Bij een tankstation ergens op een industrieterrein zijn we gestopt, waarna ik de Subarugarage heb opgebeld en het probleem heb uitgelegd. Niet verder rijden, zeiden ze, laat de ANWB hem naar huis transporteren. Daar stonden we dan: in een parkeervak, voor de deur van een tankstation.

Ondertussen was ik met een voorbijganger aan het praten over wat voor een bus het was en wat er aan de hand was. We merkten ondertussen dat de pomphouder het niet bepaald kon waarderen dat we met een busje met pech op zijn parkeerplaats stonden. Aangezien we nog lang niet thuis waren en we ook geen zin hadden om het busje door de ANWB op te laten halen, zijn we gaan zoeken of we ergens een autoambulance konden huren. Nergens in de buurt was er eentje te vinden, wel zat er een winkel waar ze sleepkabels verkochten. We hebben daar een dikkere sleepkabel gekocht dan de kabel die we bij ons hadden. Eenmaal weer terug bij de bezinepomp hebben we het busje uit het parkeervak geduwd, de lus om de trekhaak van de Subaru gelegd en de haak aan het sleepoog van de Libero vastgemaakt.

Voor de grap had ik de oude walkie-talkies van huis meegenomen, toch bleken die nog bijzonder goed van pas te komen tijdens het slepen. Ik kon doorgeven als er iemand ging inhalen en de Forester kon doorgeven als ze gingen afremmen zodat ik alvast de rem in kon trappen om de kabel strak te houden.

Na een urenlange tocht dwars door Nederland, waarbij we snelwegen steeds vermeden, kwamen we ‘s avonds laat weer thuis.

De garage werpt er een (korte) blik op

De dag na aankomst heb ik de garage opgebeld. Zij hebben deze busjes vroeger ook verkocht en vonden het wel komisch toen we met de Forester, een sleepkabel en het busje aan kwam zetten. Het was voor hen ook lang geleden dat ze een Libero hadden gezien.
Ik heb het busje in een parkeervak voor de werkplaats geduwd, de sleutels ingeleverd bij de werkplaatchef en gevraagd of ze mij wilden bellen als ze er naar gingen kijken. De volgende dag kreeg ik telefoon: de Libero ging over een kwartiertje de brug op! Ik ben meteen in de auto gesprongen en naar de garage gereden. Toen ik aankwam reed de monteur hem net de brug op. Hij stapte uit, luisterde er even van een afstandje naar en zei daarna tegen mij: het motortje is niet echt fris meer. Vervolgens reed hij hem de brug weer af. De werkplaatschef stelde voor om óf een tweedehands motor te kopen óf de huidige motor te laten reviseren. Een nieuwe Liberomotor was geen optie, dus kreeg ik het telefoonnummer van een revisiebedrijfje in de buurt. Verder mocht ik de originele werkplaatshandboeken van de Libero zo meenemen.

Het sleutelen begint

Na het bezoekje aan de garage hebben we het busje weer naar huis gesleept. Nu begon het sleutelen. Allereerst: de motor eruit.
Om de motor eruit te halen heb ik eerst een laag houten karretje gemaakt met vier goedkope wieltjes om meubels mee te verplaatsen. Veel meer dan een dikke houten plak en vier 150kg meubeltransportwieltjes was het niet. Met een dikke balk over het motorluik in de achterbak en een stel spanbanden heb ik de motor eerst iets omhoog gekrikt. Hierdoor ontlast je de motorrubbers zodat die bouten er makkelijk uitkomen. De motor en versnellingsbak hangen dan gewoon aan die spanbanden, hierdoor kunnen de uitlaat en de hele onderste dwarsbalk ertussenuit. Zo maak je vrij baan voor de motor en kan je de motor heel mooi op de houten kar laten zakken.

De motor heb ik enigszins schoongemaakt en daarna volledig gedemonteerd. De krukas- en drijfstanglagers zagen er niet zo best meer uit. Ik heb hem in losse onderdelen afgeleverd bij een motorrevisiebedrijfje. Dit bedrijfje heeft hem volledig gereviseerd: nieuwe lagers, geslepen krukas, nieuwe zuigerveren, nieuwe kleprubbers, kleppen zijn geslepen, nokkenas is bijgewerkt etc etc. De motor heb ik een aantal weken later weer in onderdelen opgehaald en met nieuwe pakkingen en afdichtingen weer in elkaar gezet.

Het onderblok heb ik niet laten spuiten. Ik heb nog aan de eigenaar van het motorrevisiebedrijfje gevraagd of de roest op het onderblok een probleem zou worden, hij zei dat je hem eigenlijk alleen spuit voor het beeld, de roest zou geen probleem moeten zijn.

Klik op de pijltjes om door de foto’s te bladeren.

Overnemen van de pagina

Terwijl ik met de motor bezig was zag ik dat de Subaru Minibus Club Nederland een bericht had gepost, of iemand de pagina wilde overnemen. Dat leek mij wel wat, dus ik heb ze een berichtje gestuurd. De berichten gingen even later wat over en weer en op een gegeven moment vroeg de eigenaar van de club of ik een busje met een bepaald kenteken had gekocht. Toen ik dat kenteken las, dacht ik: nou ja zeg, wat een toeval….

Drie keer raden welk groen-grijze busje ik had gekocht?
Precies, het groen-grijze busje van één van de oprichters van de club.

Alle onderdelen die ik bij de koop ‘kreeg’ waren dus de onderdelen die de oprichters van de club bij die Renaultdealer hebben verzameld. Het motorblok dat ik ook in de bus vond is het blok dat is vastgelopen op de snelweg, het motorblok dat ik heb laten reviseren is dus het blok van de liefhebber uit Brabant. Het hele verhaal werd duidelijk.